Track 1 – Bebandulan Jawa Componist: I Ketut Sudanegara Tekst: uit de Bharata Yudha (Oud-Javaanse versie) Bewerking: Renadi Santoso Solozang: Renadi Santoso Koorzang: Jesscia Polak, Luiz Yudo, Renadi Santoso Bharatayuddha I, 2a,b, I,2a:(ndah sang mangkana) kastawan ira tekeng tribhuwana (winuwus jayeng rana); I,2b: kapwasabda bhatara natha (samusuh nira tekap i huwusnya kagraha).. ‘de roem van hem tot in de Drie Werelden (onder, midden en bovenwereld)...iedereen noemde hem goddelijk heer....’ (vert. dank aan Hedi Hinzler) 
(live in Tropentheater Amsterdam 16 januari 2011. Fotografie Joost Kocken)
Componist Ketut Sudanegara verbleef in 1989 in Nederland om op uitnodiging van stichting Tirta lessen Balinese muziek en dans te geven aan de spelersgroep en geïnteresseerde individuen. In die tijd studeerde hij bij Tirta niet alleen diverse Topeng Pajegan stukken in (muziek voor maskerdanstheater) maar ook vier eigen composities, waaronder Bebandulan Jawa. Balinese componisten maken vaker gebruik van klassieke teksten zoals de Oud-Javaanse versie van de Bharata Yudha. Er is niet noodzakelijkerwijs een directe of letterlijke relatie met het stuk. Voor Bebandulan Jawa liet Ketut Sudanegara zich naar eigen zeggen inspireren door de woeste golven van de zee rond Java. Het stuk is gecomponeerd in Balinese stijl, maar met quasi-Javaanse melodiek en gongstructuren. Renadi werkte dit gegeven nader uit door typische Javaanse zang (alok/sengga’an) en trommelspel (kendangan Sunda) toe te voegen. 
(zang opnames in het Gamelanhuis Amsterdam. Fotografie Siddhi S.)
Track 2, 4 en 8 – Palindrome No. 2, No. 4 en No. 5 Componist: Luiz Henrique Yudo Een palindroom is een woord wat zichzelf blijft als je het van achter naar voren leest. Bijvoorbeeld ‘lepel’. Luiz heeft elke ‘Palindrome’ volgens dit principe opgebouwd, met dien verstande dat niet alleen toonsafstanden, maar ook ritme omkeerbaar zijn gemaakt. Met dit betrekkelijk simpele uitgangspunt creëerde Luiz vijf korte, zeer uiteenlopende stukken, waarbij hij de uitvoerder de ruimte geeft om intervallen vrij te kiezen. Ook de keuze van tempo, instrumentatie, dynamiek etc. wordt aan de uitvoerder(s) overgelaten. Dit principe, om diverse parameters door de uitvoerder(s) te laten bepalen, heeft Luiz in diverse andere composities ook toegepast, o.a. in de reeks ‘On Words’ waarvan Gong Tirta deel ‘J’ heeft uitgevoerd in 2002/3. Luiz Henrique Yudo (1962, Brazilië) Studeerde architectuur aan de Universiteit van São Paulo (Brazilië) en film aan de Nederlandse Film en Televisie Academie. In zijn muziek neigt hij naar het gebruik van zeer spaarzaam materiaal. Hij werkt tevens als video-artist, illustrator en fotograaf. 
(Renadi en Luiz (rechts) tijdens de opnames in het Gamelanhuis Amsterdam. Fotografie Hans van der Voorn)
Track 3 – Feu, du Feu Componist: Renadi Santoso Oorspronkelijke tekst in het oud-Frans: Charles d’Orléans Nederlandstalige bewerking: Jessica Polak (niet op de CD) Solo en koorzang: Jessica Polak Tweede stem en koorzang: Renadi Santoso Rondeau (Charles d’Orléans) En yver, du feu, du feu, Et en esté, boire, boire, C’est de quoy on fait memoire, Quant on vient en aucun lieu. Ce n’est ne bourde, ne jeu, Qui mon conseil vouldra croire: En yver, du feu, du feu, Et en esté, boire, boire. Chaulx morceaux faiz de bon queu, Fault en froit temps, voire, voire, En chault, froide pomme ou poire, C’est l’ordonnance de Dieu, En yver, du feu, du feu! In de winter vuur en vuur! In de zomer drinken, drinken! Dat is waar ik aan moet denken Overal en op elk uur Mensen, goede raad is duur Ik laat het nogmaals luide klinken In de winter vuur en vuur! In de zomer drinken, drinken! ’s Winters wenst men heet frituur Maar des zomers lokt het blinken Van de koele wijn tot drinken Dat is goddelijk bestuur In de winter vuur en vuur! Een drinklied uit de Middeleeuwen, bewerkt voor gamelan. Of het nou zomer is of winter, altijd is er wel een goede reden om van het leven te genieten!

Charles d’Orléans (24 November 1394, Paris – 5 January 1465, Amboise) Was een hoge Franse edelman die na de slag bij Agincourt (1415) 24 jaar lang in gevangenschap leefde in Engeland. Tijdens deze periode schreef hij de bulk van zijn omvangrijke poëziewerk, waarin veelal het afgeschermde, gecultiveerde leven als hoge, adellijke gevangene gereflecteerd wordt. Ook enkele Engelse vertalingen van zijn werk worden aan hem toegeschreven. 
(Zangeres Jessica Polak tijdens de opnames in het Gamelanhuis. Fotografie Siddhi S.)
Track 5 – Kerinduan Componist (vermoedelijk): Anak Agung Gedé Semarajaya SSKar Bewerking: Renadi Santoso Kerinduan betekent heimwee, nostalgie. Het is een stuk uit het Drama Gong repertoire, muziek ter begeleiding van het Balinese toneel. Renadi vond een cassette met deze muziek door gamelangroep Dharma Semara uit Tatiapan, Gianyar, toen hij op studiereis was op Bali in 1994. Wat hem meteen opviel was dat de melodieën en de korte, compacte vorm van de compositiesveel makkelijker in het gehoor liggen dan de meeste, meestal nogal complexe, drukke en opzwepende Balinese kebyarmuziek die doorgaans het Westen bereikt. Kwaliteiten die deze muziek geschikt maken om het Nederlandse publiek in te voeren in de rijke gamelanmuziekwereld. Renadi koos drie stukken uit voor deze CD die alle nog grondig herzien werden. Zo heeft Kerinduan een extra tonale laag gekregen door de toevoeging van een gender rambat melodie in een andere toonsoort dan de gebruikelijke pelog. De rambat instrumenten spelen in de toonladder 13457 (wat een benadering van de toonschaal slendro oplevert) terwijl alle andere instrumenten in de standaard 12356 spelen. De twee gender rambat die hiervoor gebruikt werden, heeft Renadi in 1994 speciaal op zijn specificaties laten bouwen door Nyoman Sudarna uit Den Pasar, die tevens de bouwer was van het instrumentarium van Gong Tirta. De instrumenten werden/worden sindsdien o.a. gebruikt in een aantal stukken van Awas! en in het theaterstuk 'Kroepoek' van Djempol.

(suling opname in 't Gamelanhuis en gender rambat, fotografie Siddhi S.)
Track 6 – Aqua Componist: Ruth Bouman Tekst: Ruth Bouman Voordracht: Ruth Bouman Aqua Vertaalplaatsen van water, Waterdoorlaatbare vertalingen, Taaldoorwaadbare plaatsen Aqua Ons haar golft Onze hersens drijven Onze handen rimpelen op het water Onze armen polsen het water Onze oksels schatten de afstand naar de overkant Onze billen bollen op in het water Onze buik schudt van het water Onze pinken pinken Onze hals vloeit over Onze nek nijgt over het water Het water sluit zich boven onze oren Onze ogen parelen Onze enkels zijn alleen in het water Onze hiel hecht zich aan het water Onze knieën kneizen water Onze rug verdampt het het water Ons voorhoofd klieft het water Onze vaten communiceren Ons hart vult zich Ons hart loopt over Onze dijen deinen Onze neus nadert over het water Onze slokdarm slokt het op Onze mond mondt uit Onze tong tast over de lippen Onze tepels lekken Onze navel maakt kringen Onze maag borrelt Onze wenkbrauwen breken water Wij voelen nattigheid Wij laten ons door het water meevoeren Wij worden door het water teruggeworpen Wij worden door het water gedragen Onze schouders dragen het water, water op ons hoofd Onze ruggengraat is gratig, traant een beetje Gretig nemen wij het water in ons op, Onze lendenen regenen op ons neer De nieren spoelen De lever is levendig De aderen meanderen Regenbogen tussen de ellebogen Poriën staan open Wij liggen in de bedding, ons bekken Delta Onze borst beweegt zich rustig tussen het water, dóór de boezem Onze kin kantelt Wij worden door het water gekieteld De keel klokt Onze schedel een bel Ons stuitje stuurt Lekker lekt een zacht briesje ….. In het gedicht ‘Aqua’ passeren de uiteenlopende hoedanigheden van het element water één voor één de revue. Van alle denkbare kanten wordt het water bekeken, betast, gevoeld. In de muziek wordt het vloeiende, ongrijpbare karakter van water verbeeld doordat sommige instrumentgroepen een 5/8 maat spelen terwijl anderen gelijktijdig een 6/8 maat er door heen spelen. De muziek vloeit en meandert, splitst zich en komt weer samen. In dit stuk wordt de regenmaker ingezet. Voor de kendangpartij liet Ruth zich ïnspireren door muziek van de Pygmeeën. Als klein meisje stond Ruth Bouman (1948, Amsterdam) al in het theater met kindercircus Elleboog. Jarenlang was ze actief in de geïmproviseerde muziek als sopraansaxofoonspeler. Ook in de beeldende kunst is ze werkzaam en door het winnen van de architectuurprijsvraag ‘De Fantasie’ kon ze vorm geven aan haar eigen theater, het ‘Abstract Circus’. Met het ‘Amsterdams Ballongezelschap’ maakte ze vele buitenlandse reizen en tentoonstellingen en trad ze op met o.a. Universal Moving Artists. Vanaf 2000 beoefent ze gamelanmuziek bij gamelanorkesten ‘Wiludyeng’, ‘Semara Jaya’, ‘Gong Tirta’ en ‘Sekaha Gong Amstelveen’. In Indonesië studeerde ze gamelanmuziek bij A.L. Suwardi, Sri Hartono en I Ketut Rudita en in Suriname speelde ze in het Surinaams-Javaanse gamelanorkest ‘Mbangun Wiromo’. Haar werk is uitgezonden op radio en televisie in o.a. Mongolië, China en Suriname. 
(fotografie Christian Bertram)
7 – Liku Mecanda/Sedih Kingking Componist (vermoedelijk): Anak Agung Gedé Semarajaya SSKar Bewerking: Renadi Santoso Nog twee stukken uit het Drama Gong repertoire. Liku Mecanda: De Liku speelt. Liku is de titel van een vrouw van een vorst die van een lage kaste afkomstig is. In de Panji verhalen bedrijft zij guna-guna om de aandacht van de prins te trekken; in bepaalde verhalen misleidt ze de prins, zodat hij denkt dat zij de echte prinses is die hem was beloofd. Na een tijdje komt de waarheid toch boven. In het Arja theater komt ook vaak de Liku voor. Sedih kingking staat voor onbeschrijfelijk verdriet, misschien wel liefdesverdriet. (info met dank aan Hedi Hinzler) Voor deze twee Balinese composities schreef Renadi Santoso een speciale kecapi-partij, die hij zelf inspeelde op siter. De kecapi is een 18-snarige citer uit West-Java (Sunda) die met name gebruikt wordt in het Cianjuran-repertoire, een zeer klassieke, ingetogen kamermuziek-stijl die zich ontwikkelde uit het begeleiden van poëzie-voordracht. Renadi bespeelt de siter, de ‘poor man’s kecapi’ die klein en draagbaar is en bovendien beschikt over twintig snaren die bovendien van staal zijn in plaats van de bronzen snaren van de kecapi. De klank is daardoor minder vol, maar veel helderder dan die van de kecapi.

(siter, fotografie Siddhi S.)
(Voor deze track en track 5 zijn we, ondanks diverse pogingen, er niet met zekerheid in geslaagd de componist(en) te achterhalen. We schrijven ze hier toe aan de leider van de groep Dharma Semara uit Tatipi, Gianyar, Anak Agung Gedé Semarajaya SSKar. Als iemand hierover informatie heeft, dan vragen we u beleefd om contact met ons op te nemen via rsantoso299@cs.com zodat we e.e.a. kunnen rectificeren) 5 – Nelayan Componist: Gedé Merdana Bewerking: Renadi Santoso Lead zang: Tino Liauw Mari kawan kita mulai bekerja, Gotong-royong bersama menangkap ikan, Ambil dayun, Ambil dayun untuk mengemudi sampan, Dayun, dayun sampane, dayun. Kom op, vrienden, laten we aan het werk gaan, We vangen vis door goed samen te werken en elkaar te helpen, Pak de roeispaan, Pak de riemen om de boot voort te bewegen, Roei, roei de boot! In de jaren vijftig spoorde president Sukarno de Indonesische kunstenaars aan om niet de Westerse voorbeelden te volgen maar inspiratie te putten uit de eigen, lokale cultuur. De tari Nelayan (dans van de vissers) is één van de vele dansen die in die tijd op Bali op instigatie van de Communistische partij werden gecreëerd en die thema’s uit het dagelijkse leven uitbeelden. Zo ontstonden dansen als Tenun (weefdans), Tani (dans van de boeren) etc. De componist, Gedé Merdana (? - 1965), was lid van de communistische partij en als zodanig een exponent van dit ‘sociaal-realisme’. Zijn composities worden geroemd vanwege de vernieuwingen en de zeer eigen stijl, die overigens weinig navolging kregen. Hij kwam om tijdens de bloedige ‘vergeldingsacties’ op communisten in de periode na de coup van 1965. Renadi koos het laatste deel uit deze compositie. Hierin zijn de vissers aan het woord die elkaar aansporen om goed samen te werken, zodat de vangst voorspoedig zal verlopen. In de instrumentatie en het arrangement is een prominente plaats ingeruimd voor de Westjavaanse kendang (trommel). Ook de zangarrangementen treden buiten de Balinese conventies. Zanger Tino Liauw verlevendigt het stuk met zijn zeer persoonlijke, theatrale zangstijl en tekstbehandeling. 
(Live in 't Tropentheater Amsterdam 16 januari 2011. Fotografie Joost Kocken)
6 – Tales Componist: Renadi Santoso Oorspronkelijke tekst in het Indonesisch: Sitor Situmorang Nederlandse versie: Kees Snoek Voordracht en zang: Tino Liauw The Tale of Two Continents Satu Rasa dua kematian Satu kasih dua kesetiaan Antara benua dan benua Tertunggu rindu samudra Dua kota satu kekosongan Dua alamat satu kehilangan Antara nyiur dan salju Merentang ketakperdulian tuju Semoga kasih tahu jalan kembali Pada pintu yang membuka dinihari Ke mana angin membawa diri Kekasih, semoga kau berdua Dapat kepenuhan cinta dalam aku tiada Terpecah dua benua, satu kelupaan di sisik samudra Eén gevoel – twee soorten dood Eén liefde – twee soorten trouw Tussen twee werelddelen in Wacht het verlangen van een oceaan Twee steden – één leegte Twee adressen – één gemis Tussen kokospalm en sneeuw Strekt de onthechting zich uit Dat de liefde de weg terug weet Naar de deur die de dageraad opent Naar waar de wind mij meevoert Geliefden, ach dat jullie beiden opgaan in liefde Nu ik er niet ben, gespleten tussen twee continenten, Eén en al vergeten op de schubben van de oceaan
In dit gedicht verwoordt de Indonesische dichter Sitor Situmorang het gevoel van verlangen en verscheurdheid dat optreedt als je ergens woont, ver weg van je geboorteland, helemaal aan de andere kant van de oceaan. Deze compositie werd in diverse bezettingen en arrangementen gespeeld door o.a. Jakarta Street band, Awas Trio en in 'Gamelan meets Hawaii' in samenwerking met Slack-keygitaarspecialist Keola Beamer uit Hawaii. Zanger Tino Liauw vertolkt hier het gedicht in het Nederlands èn in het Indonesisch. 
(Zanger Tino Liauw en gitarist Jeroen Sep live in 't Tropenmuseum Amsterdam. Fotografie onbekend)
Sitor Situmorang (2 oktober 1924) is een Indonesische dichter, essayist en schrijver van korte verhalen. Hij is geboren in Harianboho, Sumatra, en opgeleid in Jakarta. Hij werkte als journalist en literatuurcriticus in Medan, Yogyakarta en Jakarta voor verschillende kranten en tijdschriften. (bron: Wikipedia) Renadi Santoso (1964 Keulen, W-Duitsland). Trad op in Nederland, Duitsland, België, Zwitserland, Noorwegen, Spanje, Frankrijk en Indonesië. Studeerde klassieke gitaar aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam, maar ontwikkelde zich al gauw tot een muzikale duizendpoot die meerdere instrumenten en diverse muziekstijlen beoefent. Hij speelt/speelde o.a. Avantgarde rock bij Aorta, Dark Fate en Immortal Fit, moderne muziek bij Multifoon en Gending, folk en middeleeuwse muziek bij Eté Parfait en een veelheid aan Indonesische muziekstijlen en hybrides bij Widosari, Angklung Santosa, Jakarta Street band etc. Beoefende sinds 1978 intensief zowel Javaanse als Balinese gamelanstijlen en is tevens een ervaren Indonesische danser. Als Indonesische muziek- en dansperformer ging hij talloze samenwerkingsverbanden aan, o.a. met Hawaiiaanse Slack-key gitarist Keola Beamer, Flamenco danseres Lola Ramos, Worldjazz combo Boi Akih, Theater Djempol (kindertheater) en moderne dans choreografen Ubit Iskander en Gerard Mosterd. Componeerde muziek voor het KIT Kindermuseum (1992), Pesta Musik (2000), Festival Nieuwe Muziek en het Wereldkinderfestival (2003). (fotografie: onbekend, Hans van der Voorn, Joost Kocken)
Over gamelan ensemble GONG TIRTA In 1985 werd stichting Tirta opgericht te Amsterdam ter bevordering van Balinese muziek in Nederland. Eén van de oprichters was Sinta Wullur, die componiste van het jaar was. en o.a. bekend van haar samenwerking met Peter Schat èn verantwoordelijk voor de introductie van de chromatische gamelan in het Nederlandse moderne muziekleven. Sinta Wullur is overigens niet de enige moderne componist die Gong Tirta heeft voortgebracht of geïnspireerd. Jan Rokus van Roosendaal speelde ook enige jaren intensief mee en liet zich ruim inspireren, net als Boudewijn Tarenskeen en Enrique Raxach. Beiden schreven stukken die door Gong Tirta zijn uitgevoerd. Gestart werd met gamelan angklung activiteiten op de instrumenten van het Haags Gemeentemuseum. Vanaf 1986 werd Kebyar de hoofdactiviteit. Met name dankzij een subsidie van onder meer het Prins Bernhardfonds kon een eigen ‘kebyar’-instrumentarium worden aangeschaft door de stichting. ‘Kebyar’ betekent ‘opvlammen’ of ‘opflitsen’. Deze muziekvorm is op Bali ontstaan in de jaren tien en twintig van de twintigste eeuw. Het bleek een zeer vruchtbare, levensvatbare nieuwe muziekvorm te zijn die uitgroeide tot de meest gespeelde muziekvorm van Bali. Karakteristieken zijn extreme dynamiek, virtuoos uniritmisch ensemble-spel en op duizelingwekkende tempi gespeelde interlocking patronen. Na diverse personeelswisselingen en verschillende artistieke leiders werd Renadi Santoso in 1989 benoemd tot artistiek leider. Het bereiken van een acceptabel niveau met musici die niet zijn opgegroeid in een Balinese omgeving en die niet in de gelegenheid zijn om zelfstandig te oefenen wegens gebrek aan oefeninstrumenten, achtte hij op den duur niet realistisch. Geleidelijk aan voedde hij Gong Tirta met meer en meer eigen bewerkingen en arrangementen van Balinese stukken (de toevoeging ‘Gong’ (= gamelan) in de naam dateert van 1992, als aanvulling op Tirta dat heilig water betekent). Geleidelijk aan groeide bij Renadi het besef dat er ingrijpender veranderingen noodzakelijk waren om de levensvatbaarheid van Gong Tirta te bewaren en te hernieuwen. Ook het verlangen om de compositorische inspiratie om te zetten in concrete uitvoeringen van zijn gamelanstukken droeg er toe bij dat hij bewust aanstuurde op interne vernieuwingen. Hij was van mening dat alleen met een eigen stijl Gong Tirta haar bestaansrecht kon waarborgen. Traditionele muziek tot ‘wereldmuziek’ maken. Muziek die een brug slaat tussen de voor Westerse oren nog altijd zeer ‘esoterische’ gamelankunstvorm en andere Indonesische muziektradities enerzijds en hedendaagse en internationale kunstvormen als poezie, dans, Westerse en niet-Westerse muziek anderzijds. In deze sfeer van openheid werd in 1999 het verteltheaterproject ‘Baju, de tekenaar van Bali’ gestart. Het verhaal van de briljante tekenaar Baju die steeds moeilijkere opdrachten kreeg van de koning en tenslotte zelfs naar de hemel werd gestuurd om daar voor de koning tekeningen te maken, was aanleiding voor het maken van vernieuwende arrangementen van traditionals. Hieruit vloeide op natuurlijke wijze het ontstaan van nieuwe, originele composities voor gamelan. Op (gamelan)muziek gezette gedichten (van o.a. Nes Ter Gast, Rendra, Cornelis Bastiaan Vaandrager, Noto Soeroto, Jos Versteegen en anderen), werd door Renadi verder ontwikkeld en aangevuld met nieuwe composities, tot het programma ‘Gamelan & Poetry’ in 2002/3.
Na een aantal succesvolle pilotoptredens begon Gong Tirta ruimte te geven aan componisten (uit Oost èn West) en spelers om nieuwe muziek te schrijven. Tot op heden schreven Balinese componisten I Wayan Sadra en Kadek Ardika in opdracht stukken speciaal voor Gong Tirta en maakten andere spelers ook composities die door Gong Tirta gespeeld werden, zoals ‘Aqua’ van Ruth Bouman en ‘Five Palindromes’ van Luiz Yudo. Van de laatste speelde Gong Tirta ook ‘On Words’ en ‘Aô Metro’. In de loop van de jaren heeft Gong Tirta talloze personeelswijzigingen gekend. Mogelijk zo’n vijftig mensen zijn korter of langer lid geweest. Pas vanaf ongeveer 2005 is het personeelsbestand opvallend stabiel gebleven. Een omstandigheid die de ontwikkeling van een hecht, persoonlijk groepsgeluid toen pas ècht mogelijk heeft gemaakt, evenals het maken van deze CD.  (Tales of Two Continents Live Tropentheater 16 januari 2011. Fotografie Joost Kocken)
Aan bovenstaande teksten kunnen geen enkele rechten ontleend worden, evenmin aan fouten etc.
Iedereen die correcties en/of aanvullingen op fouten, onjuistheden, verouderde gegevens, etc. in deze tekst en/of in die van het CD booklet heeft, wordt van harte uitgenodigd dit te mailen naar: rsantoso299@cs.com
Vriendelijk dank! |